Johannes 6:34 Nooit meer honger en dorst!

Johannes 6:34 Nooit meer honger en dorst!

7 september 2018 0 Door Ilze Post

De afgelopen tijd was ik in het Bijbelboek Johannes aan het lezen.
Daar kwam ik deze tekst tegen:
Johannes 6:32-35
Waarbij het in vers 35 eindigt met deze tekst:
En Jezus zei tegen hen: Ik ben het Brood des levens; wie tot Mij komt, zal beslist geen honger hebben, en wie in Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben. (HSV)

Voor deze tekst heeft Jezus het over eten en hoe God het volk van Israël manna gaf. En ook dat God het Brood dat leven geeft uit de hemel heeft laten neerdalen. De mensen zeiden tegen Jezus dat zij altijd dit brood wilde hebben, zodat ze nooit meer honger zouden hebben. Toen openbaarde Jezus dat Hij het Zelf is Die ervoor zorgt dat er geen honger of dorst meer zal zijn. Omdat Hij Zelf het Brood des levens is. Hij vertelt ook nog over dat de mensen geen dorst meer zullen hebben, terwijl niemand het ervoor over dorst heeft. Jezus heeft altijd meer dan wij denken 🙂

De tekst triggerde me, ik wilde weten wat er precies stond. Daarom ben ik op zoek gegaan in de grondtekst, dit doe ik met de blueletterbible, check deze link.Want wat betekent deze tekst voor vandaag? Wat betekent het dat Jezus het Brood des levens is voor mij?
En Jezus zei tegen hen: Ik ben het Brood des levens; wie tot Mij komt, zal beslist geen honger hebben, en wie in Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben.
Brood des ‘levens’ komt van het woord Zoë.
– Zoë betekent leven of levenslang (lifetime)

‘beslist’ daar staat het woord ‘ou mē’.
‘Ou mē‘ is een dubbel ontkenning.  Een ‘never nooit’. Op geen enkele manier, nooit, helemaal niet meer.

‘honger‘ is een vertaling van het woord ‘peinaō’ en dat wordt vertaald met:
– gebrek lijden
– behoeftig zijn
– verlangend hunkeren

Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat dit er staat:
En Jezus zei tegen hen: Ik ben het Brood voor je hele leven lang, wie tot Mij komt zal nooit, op geen enkele manier, never nooit meer gebrek lijden, iets tekort komen, naar iets verlangen wat maar niet komt, of hunkeren.

En Jezus zei tegen hen: Ik ben het Brood des levens; wie tot Mij komt, zal beslist geen honger hebben, en wie in Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben.

‘gelooft’ daar staat het woord ‘pisteuō’:
– vertrouwen
– committeren aan (commitment hebben, je ergens aan verbinden)

‘zal nooit meer’, ook hier staat weer ‘ou mē’ de dubbele ontkenning die eerder in het vers ook gebruikt werd.

‘dorst’ wordt vertaald met ‘dipsaō’
– lijden aan dorst…
– dorstig zijn…
– een pijnlijk gebrek voelen…
…naar dingen waardoor de ziel wordt vernieuwd, gesteund, gesterkt

Als je in Jezus gelooft zul je nooit (nee echt helemaal nooit!) pijnlijk gebrek voelen. Hij wil voor je zorgen! Als je Hem vertrouwt, zul je nooit meer lijden aan dorst. Hij zal je ziel vernieuwen, sterken en steunen met Zijn levende water als je bij Hem komt.

Wat ik hier vooral uit gehaald heb, is dat God zo ongelooflijk goed voor ons! Dat Hij ons alles wil geven. Je mag met elke nood bij Hem komen, Hij wil jouw hele leven lang voor je zorgen. Hijzelf is het Brood, waar ik graag nog veel meer van wil eten, ik hoop jij ook! Met iedere nood, ieder verlangen, de honger naar acceptatie of waardering, kun je bij Hem terecht.

John 6:35 (NIV) Then Jesus declared, “I am the bread of life. Whoever comes to me will never go hungry, and whoever believes in me will never be thirsty.